U bent hier: Startpagina > Geschiedenis > Wallersheim

Wallersheim

Wallersheim in de ijstijd

Wallersheim ligt in het oudste nederzettingengebied rond het huidige Prüm, waar menhirs en stenen werktuigen uit de Jonge IJstijd zijn gevonden.
Ten noorden van Wallersheim staat een Menhir van 1.60 meter hoog uit de megalith-kultuur, die gedateerd is rond 2000 v. Chr.

Een menhir is een door mensen opgerichte grote steen, soms alleenstaand, soms in een groep geplaatst.

De situering van de menhir, bij een haarspeldbocht in een voormalige holle weg naar een omheinde plaats, duidt op een plek waar religieuze activiteiten hebben plaats gevonden.

 

Verder ten noorden van Wallersheim bevindt zich de zogenaamde Wallersheimer Schweiz. Dit landschap met reusachtige leisteenformaties is vrijwel onaangetast en geeft de bezoeker een indruk van een wereld in het stenen tijdperk.
Daar staat wellicht de grootste menhir ter wereld, die uit twee delen bestaat. De hoogte is ongeveer 13 meter. Hij staat aan een rotswand, die cirkelvormig rond een kleine kegelvormige berg is gegroepeerd.
De geleerden zijn het er echter niet over eens of dit een door mensen opgerichte steen is, dan wel een bijzondere speling van de natuur.

 

Vondsten van graven uit de Jongere Eifel-Hunsrück-cultuur (500-100 v. Chr.) wijzen op het bestaan van nederzettingen uit die tijd.
In hetzelfde gebied zijn ook graven uit de Romeinse tijd gevonden van de eerste eeuw na Christus. Voorts zijn er vele sporen van nederzettingen uit de laat-Romeinse tijd aangetroffen. Naast vele scherven zijn een grote ijzeren bijl, een bronzen waterbekken en paardentuig gevonden en gedateerd op de 2e en 3e eeuw.


Wallersheim in de Middeleeuwen

Prümer Urbar

Ook zijn er Merovingische gravenrijen uit de 6e en 7e eeuw opgegraven.

Het gebied werd als "Walamar Villa" voor de eerste maal genoemd in een schenkingsoorkonde van Gislebert aan het klooster van Prüm uit 777.

 

De meeste bezittingen zijn geschonken door Karolische vorsten. Zo schonk schonk keizer Karel de Grote in 806 delen van het huidige Wallersheim aan de Abdij in Prüm; in 854 deed Lotarius II daar nog een schepje boven op.

Deze Abdij had bezittingen in de Eifel en de Hunsrück tot aan Lotharingen en zelfs bij Arnhem.

De abten lieten hun bezit sinds 721 optekenen in een register, het "Prümer Urbar".

 

Wallersheim bleef tot het einde van de 18e eeuw eigendom van het klooster. Daarna kwam het onder Pruisisch bestuur.

Geschiedenis

Wallersheim Vulkanen, Maaren en Eishöhlen

Zoeken naar